HEEL opleidingen
Home >> Trainingen en coaching voor Zorg & Welzijn >> Leren (veranderen) volgens HEEL

Leren (veranderen) volgens HEEL

HEEL opleidingen richt zich op het veranderen van gedrag. Dat is het aanleren van nieuw gedrag met daaraan gekoppeld het “afleren” en laten gaan van oud gedrag. Mensen komen om twee redenen echt in beweging. Ofwel ze zijn er van overtuigd dat ze met hun nieuwe gedrag iets krijgen dat ze graag willen hebben. Ofwel ze hebben veel last van de huidige situatie en alles bij het oude laten is geen optie meer. Trajecten die mislukken komen vaak niet van de grond omdat de benodigde motivatie ontbreekt.
Bij Nelly was het vooruitzicht om met haar standaard met zuurstof en haar sigaretje alleen nog maar thuis te zitten dermate confronterend dat ze toch de stap zette om er iets aan te doen. Het leerproces wordt positief beïnvloed als er al op korte termijn resultaten zijn te merken die door de omgeving worden opgemerkt en positief worden gelabeld. De eerder genoemde tante Nelly kreeg binnen enkele weken zichtbaar meer lucht en haar omgeving gaf haar veel complimenten. Dus ook positieve feedback op de inspanningen die iemand doet om iets anders te leren heeft een bevorderend effect.

De stappen die HEEL gebruikt bij de coaching en in de trainingen voor het aanleren van nieuw gedrag zijn de volgende.

  1. Hier gaat het om het herkennen van patronen. Wat doe je in bepaalde situaties bijna automatisch. Wat zijn je patronen, van welke heb je last en welke wil je veranderen. Het is je bewust worden van je vaste gedrag in bepaalde situatie. Tante Nelly herkende patronen dat ze “automatisch” na het opstaan, bij de koffie, na het eten etc. ging zitten en een sigaret opstak en werd zich er van bewust dat ze minder lucht kreeg. Ook zag ze in dat het roken een belangrijke factor was als het ging om geen lucht meer te hebben. Vaak zijn die patronen zo eigen dat je een ander nodig hebt om ze zichtbaar te maken. Zowel in onze coaching als bij de trainingen zijn we elke keer weer op zoek naar ingeslepen patronen waarbij we onderzoeken of ze nog steeds iets opleveren waar het team of de coachee blij van wordt.
  2. Hier gaat het er om dat je erkent dat je in hetgeen dat je “overkomt” daar zelf de sturende factor in kunt zijn. Dat is vaak behoorlijk confronterend en pijnlijk. We zijn allen gauw geneigd om iets anders of anderen de schuld te geven als iets tegenzit. Zo zijn “de crises” en de bezuinigingen van de overheid de afgelopen jaren regelmatig als excuustruus aangevoerd als er iets niet goed liep. Maar denk aan tante Nelly de verslaving aan het roken en het onvermogen om daar iets tegen te doen werd als argument gebruikt om niet te stoppen. Immers als je al zo lang rookte dan zou stoppen niet meer mogelijk zijn. Alleen wanneer je de confrontatie met jezelf aan durft te gaan en durft te erkennen dat jij degene bent die invloed uit kan oefenen, dan kun je je gedrag aanpassen. Tante Nelly erkende dat alleen zij degene was die de sigaret aanstak en dat ook zij alleen in staat was om dat niet meer te doen.
  3. Bij het exploreren gaat het er om dat je onderzoekt wat je anders kunt doen. Ook tante Nelly heeft eerst andere zaken geprobeerd als actiever bewegen etc. maar dat alles had niet het effect dat ze wilde. Elke keer kwam ook de dokter weer aan met de optie stoppen met roken. Hij zei het heel confronterend: “Mevrouw de enige mogelijkheid die ik zie dat u van de zuurstof af kan komen is stoppen met roken.” Aan u de keuze.
  4. Leren en loslaten. Zodra je wat mogelijkheden hebt bedacht hoe het anders kan ga je die op een rijtje zetten en stapsgewijs uitproberen. Zodra je dat doet neem je al afstand van het oude gedrag en begin je al met nieuw gedrag. Sta daar bij stil en zie ook wat het oude gedrag je heeft gebracht en “bedank” het, neem afscheid en ga verder. Realiseer je wel dat het aandacht en energie kost om iets anders te gaan doen en dat het als het even tegen zit heel verleidelijk is om weer in het oude gedrag terug te vallen. Vooral in tijden van stress gaan we vaak ongemerkt naar de automatische piloot en vallen we terug in wat bekend is. Het “oude gedrag” is ingeslepen en voelt vertrouwd. Wees daar alert op en ga er vanuit dat dit bij het leerproces hoort. Maar realiseer je wel dat dit niet de bedoeling is en begin opnieuw. Veel trajecten gaan na verloop van tijd ook fout omdat de oude patronen toch weer tevoorschijn komen en men niet de moed heeft om weer opnieuw te beginnen. Daarom is het belangrijk dat er goed geoefend wordt, dat er vlieguren gemaakt worden en dat er ook ruimte is om bij het oefenen fouten te maken. Bij leren lopen hoort vallen en opstaan. Voor Nelly was het afscheid nemen van het oude vertrouwde (het gezellig genieten van het roken van een sigaretje met de vrienden). Hiervoor terug kreeg ze meer lucht, meer bewegingsmogelijkheden, minder afhankelijk van anderen en niet meer met een zuurstof apparaat rondlopen. Het is mooi om te zien dat ze doorzette. Gelukkig lukte het haar en heeft ze daadwerkelijk meer energie en lucht.

Als het gaat om oud gedrag moeten we ons goed realiseren dat we dingen vaak voor het grootste gedeelte zo snel mogelijk op de automatische piloot doen. Als je kunt fietsen denk je niet meer na over hoe je evenwicht bewaart, maar doe je dat gewoon. Vaak zijn we ons nauwelijks bewust van al die patronen en dat maakt het aanleren van iets nieuws juist zo lastig. Iets nieuws wordt pas eigen als je heel veel “vlieguren maakt”. In het begin moet je dat heel bewust doen en hoe langer je dat doet hoe meer het er in slijpt. Iedereen die wel eens een keer in Engeland heeft gereden weet hoe alert je moet blijven om te voorkomen dat je aan de verkeerde kant gaat rijden. Zeker bij vermoeidheid of als iets anders de aandacht vraagt heb je de neiging om weer terug te vallen in je oude gewoontes. Dus blijf alert op de terugval en blijf oefenen, oefenen en nog een keer oefenen. Dan slijpt het er vanzelf in.